Vorige week was er weer kidzknutselklub bij St. VEDJ (Stichting
Voor en Door Jongeren). De enige klub waar je Kidz met een Z schrijft.
Het was een gezellige griezelboel. Er werd een pompoen uitgelepeld om er zo voor te zorgen dat er een waxinelichtje in kon.
Maar wat was de inhoud van die pompoen taai. Het leek wel of die dingen wisten dat het nog lang geen halloween was, dat is pas de 31ste. Vanwege het feit dat er alleen de eerste woensdag van de maand een klub is hebben wij er voor gekozen om de kinderen nu al Halloween-voorpret te bezorgen door nu aan zo’n griezelpompoen te werken.
In ieder geval was het hard werken, want de inhoud gaf niet echt mee.
Toen het na zweten, zuchten en zwoegen dan toch eindelijk was gelukt, werden de handen gewassen, hup, alle kinderen weer in de rij, en ik kon weer aan de slag om de kleefhandjes schoon te poetsen. Zoveel gingen er weer door mijn handen heen, dat ik er vannacht zelfs van droomde, en dat is de waarheid, en niets anders dan de waarheid!!
Ik stond in een heel klein ruimtetje met een heel klein wc’tje en geen doekjes in de buurt, alle kinderen liepen met natte handen het toiletje uit en de vloer lag vol met zeepklodders. Gelukkig was het maar een droom.
Wij, de leiding, liepen als heksen verkleed, en toen er drie heksen de ogen, neus en mond uit de pompoen gingen snijden (dat was met de mesjes niet verantwoord om de kinderen te laten doen) mocht ondergetekende heks een verhaal vertellen.
Op internet vond ik TE spannende en TE lugubere verhalen, want deze kinderen zijn van vier tot tien jaar, en het ene kind is het andere niet, de een kan er wel door slapen, de andere niet.
Ik heb gekozen om zelf een verhaal te fabrieken. Dat stond in tien minuten op papier, en ik heb dat gebruikt (aan het einde van dit blog kun je het even nalezen).
De kinderen kwamen op de grond om me heen zitten, ze waren niet bang voor de heks die boven ze uit torende op de stoel. Ze waren heel stil bij het luisteren naar het verhaal. Heerlijk is dat om die “smoeltjes”zo vol aandacht te zien.
Na het verhaal duurde het nog even, want het uitsnijden van de pompoenen was voor de drie heksen ook niet zo makkelijk, maar ze kregen het voor elkaar. Ik dacht dat heksen konden toveren? Waarom zeiden ze niet even een toverspreuk en huppekee, de pompoenen zouden klaar geweest zijn. Maar ik weet wel waarom ze dat niet deden hoor.
De opperheks is bang dat haar ondergeschikten dan te lui gaan worden en dus moesten ze hun handen maar gewoon uit de vleermuismouwen steken.
Hun tere heksenvingertjes waren zelfs een beetje kapot door dit ongewone werk
Maar ze hadden er wel eer van…dat moet deze heks wel even zeggen. Het zag er allemaal mooi uit.
Toen….toen werd er limonade binnen gebracht met…… brrrr, griezeldegriezel, met enge beesten-snoepjes onder in bekertjes. Voorzicht drinken maar zeiden de heksen, want onder in het bekertje ligt……een slangetje, en kikkertje,een ander eng beestje……brrr ik krijg er als heks zelfs kippenvel van. Ik zou het niet opgedronken hebben hoor, daar zou mijn tere heksenmaag niet tegen gekund hebben. Maar de kinderen?? Die zijn stoer zeg, zij deden het wel. Dapper he?
Het was tevens het besluit van een mooie middag daar in Con-Musica georganiseerd door VEDJ.
Hartelijke groeten van Heks D
************************************************************************************************
Janie, het prinsesje
Janie was een klein prinsesje van nog maar 8 jaar oud. Haar vader en moeder, de koning en de koningin waren heel gelukkig met elkaar en de kleine prinses.
Er werd door al het personeel in het paleis goed voor Janie gezorgd, en er werd goed opgepast zodat ze niet alleen naar de paleistuin zou gaan. Want die was zo groot, ze kon er wel in verdwalen…het leek net een heel groot bos. Met veel rotsen en heuvels en hoge bomen en dichtbegroeide struiken.
Janie wilde wel graag eens gaan kijken in die grote tuin. Maar ja, hoe moest ze dat nu doen? Er was altijd wel een hofdame bij haar.
Toch, op een dag lukte het haar. De hofdame die bij haar was begon zo erg te niezen, en werd zo rood, het leek wel of ze koorts had. Janie zei, “zeg hofdame waarom gaat u niet lekker naar uw bed, dan bent u morgen vast weer beter “. “Dat kan niet”zei de hofdame, dan is uwe majesteit helemaal alleen hier, en dan gaat u misschien dingen doen die helemaal niet mogen”
Ik beloof u dat ik heel braaf zal zijn en zal gaan zitten lezen. Ik blijf hier in deze kamer.
De hofdame nieste weer en liep erg rood aan, en ging dan toch maar naar bed.
Daar zat Janie dan, helemaal alleen in een hele grote stoel.. Het was zo stil in de kamer, je hoorde helemaal niets. Maar toch….ja hoor, daar was toch een geluidje, heel zachtjes, maar wel te horen. Het leek op een heel zacht fluisteren, en Janie hoorde haar naam, ja toch? Was het haar naam wel? Hoor, daar was het weer ”pssst Janie…Janie… ga je mee? Ga je mee naar de paleistuin?”
Daar stond een klein mannetje, zo’n vreemd klein mannetje, dat had onze prinses nog nooit gezien. Het had een grote puntneus en grote voeten en een bruin jasje aan, alles was klein aan hem behalve zijn neus en zijn voeten. “kom ga mee”zei het weer.
Janie had er wel zin in, dit was haar kans. Ze gleed van de stoel af en liep achter het mannetje aan naar buiten. Het was stil in het paleis, niemand zag haar gaan gelukkig. Toen ze buiten kwamen was het opeens heel donker, hoe kan dat nou? Het is midden op de dag? Dat was vreemd, en ook wel een beetje eng. Maar in de verte zag Janie allemaal lichtjes naar haar toekomen. Hee, wat gek…
Wel duizenden lichtjes die steeds dichterbij kwamen, toen zag ze pas wat al die lichtjes waren. Het waren allemaal dezelfde mannetjes als het ventje dat haar kwam halen. Ze hadden allemaal een druppel aan hun neus, en die druppel gaf zo veel licht dat ze goed de weg konden zien waar ze liepen. Al die mannetjes kwamen om haar heen staan, en ze staarden haar heel lang aan. Toen begonnen ze allemaal door elkaar te praten en te roepen ”Halloween, halloween, halloween, en dat ging maar door, ze werd er haast gek van. En plots begonnen ze ook nog te dansen en te springen, ze had haast geen ruimte om adem te halen. O o o wat werd dat kleine prinsesje bang, ze wilde haar vader en moeder roepen, maar kon zich zelf niet horen door al het lawaai en gespring om haar heen.
Toen riep er 1 mannetje heel hard boven alle anderen uit, neem haar mee, neem haar mee, dan is ze voor altijd bij ons. Dan zien wij elke dag een echte prinses met haar mooie gouden haren. Dat zal een feest zijn om in onze donkere wereld een echte mooie prinses te zien. Toen Janie dat hoorde werd ze nog veeeeel banger en begon zo hard te huilen, dat het boven alle lawaai uitkwam, het klonk door het donkere bos, en het echode tegen de heuvels en de rotsen de struiken, de bomen, en zo kwam het geluid ook achter het paleis terecht, daar was een kleine paddestoel, het deurtje ging open en er kwam…natuurlijk…een kaboutertje uit. Hij spitste zijn oortjes en wist onmiddellijk dat het prinsesje in gevaar was, maar ook hij zag dat het donker was buiten, terwijl het nog pas middag was.
Maar kabouters weten altijd heel veel, hoe, dat zullen we nooit weten, en bedacht toen dat die rare mannetjes weer eens bezig waren. Hij floot heel hard en daar kwamen overal vandaan nog veel meer kabouters uit kleine paddestoeltjes. Door het hoge gras kon je ze ook haast niet zien. De hoofdkabouter zei maar 1 woord ”KOM!!! En daar gingen ze allemaal in de richting waar Janie was met al die enge vreemde kereltjes.
Maar wat niemand ooit nog had gezien van kabouters, ze stegen op, ze konden vliegen…..!?
In een heel korte tijd waren ze op de plek waar Janie in gevaar was, ze vlogen over al die mannetjes heen duwden ze uit elkaar en grepen de prinses onder haararmpjes en trokken haar mee naar boven, hoog boven de mannetjes uit. Onderwijl bliezen ze zo hard hun adem uit dat alle druppels aan de neuzen geen licht meer gaven, die lichtjes gingen vanzelf uit. En als een wonder werd het weer licht. Het was weer gewoon dag. De zon scheen heel blij. Janie werd naar huis gevlogen door de kabouters en zij brachten haar weer veilig naar de kamer waar de hofdame haar had achter gelaten.
De kabouters waren tevreden dat alles weer goed gekomen was. En zij gingen terug naar hun paddestoelenhuisjes en waar waren de rare mannetjes gebleven??
Ik weet het niet, ik weet wel dat er in een hele grote stoel in een grote kamer van een groot paleis een heel klein prinsesje in slaap was gevallen, ze werd langzaam wakker, en wreef haar ogen uit……en was verbaasd, dat zij gewoon op klaarlichte dag had zitten dromen…….
Gelukkig maar, het was maar een droom, zucht.
Door: Dinie Visschers-de Wit Halloween verhaal voor kinderen 4 oktober 2010











2 reacties, word lid om ook een reactie te plaatsen
Leuk verhaal Dinie! Dat vonden ze vast spannend. Een leuke illustratie er bij en het kan zo in een boekje.
Wat een sterretjes bezorg je mij Marion. dank je wel voor je compliment