Clicky

In gesprek met de leiding van het politieteam

Copyright Omroep Zuidplas

De samenleving verandert en de politie verandert mee. De burgemeester en de lokale politiek maken zich zorgen over aanrijtijden en zichtbaarheid van de politie. Tijd voor informatie en een goed gesprek met de teamleiding van Politieteam Waddinxveen-Zuidplas.

 

Proefondervindelijk kan ik u berichten dat de koffie op het politiebureau aan de Limaweg in Waddinxveen hetzelfde smaakt en dat de ontvangst daar net zo vriendelijk is als dat ik gewend was van het voormalige politiebureau in Nieuwerkerk aan den IJssel. Kortom: de condities voor een goed gesprek zijn aanwezig. Ik werd ontvangen door de voltallige teamleiding die ik aan u zal voorstellen.

De teamleiding bestaat nu uit 3 teamchefs. Anouk Radloff is eindverantwoordelijke voor het gehele politieteam Waddinxveen-Zuidplas. Ben Russchenberg is plaatsvervangend teamchef en Gert Ravensbergen wordt momenteel ingewerkt om de teamleiding en woordvoering met betrekking tot Zuidplas van Anouk Radloff over te nemen.

Dit artikel maakt onderdeel uit van een tweeluik. In dit artikel wordt informatie afgewisseld met vragen aan de teamleiding. De tussen aanhalingstekens cursief weergegeven teksten betreffen antwoorden van de teamleiding.

De politie zit midden in een reorganisatie; de samenleving verandert en de politie verandert mee. Wat inwoners van de gemeente Zuidplas daarvan in directe zin al hebben kunnen merken is dat het politiebureau in Nieuwerkerk aan den IJssel verdwenen is en dat de basisteams van Zuidplas en Nieuwerkerk aan den IJssel samen zijn gevoegd en nu gehuisvest zijn in het politiebureau aan de Limaweg in Waddinxveen. Onze burgemeester en de lokale politiek maken zich zorgen over de aanrijtijden en de zichtbaarheid van de politie. Burgemeester Kats heeft in een brief aan de eenheidsleiding (leiding van de politie eenheid Den Haag, waar het basisteam Waddinxveen-Zuidplas onder valt) gestuurd met daarin zijn zorgen en ongenoegen.

Mevrouw Radloff, u bent sinds 1-1-2015 teamchef. Hoe heeft u dit tot nu toe ervaren?

Anouk Radloff: "Ik heb twee gemeentes te bedienen en de gemeente Zuidplas kent verschillende dorpskernen met elk hun eigen kenmerken waarbij mijn basisteam uiteindelijk teruggebracht moet worden tot 65 FTE en dat is best wel een uitdaging. Ik moest uitvoering geven aan het eerder genomen besluit dat het politiebureau in Nieuwerkerk aan den IJssel gesloten moest worden. Twee bureau's openhouden kost extra capaciteit aan mankracht die ik dan niet op straat kan hebben. Daarom snap ik de keuze van de Nationale Politie. De gemeente Zuidplas was gewend aan een politiebureau binnen de grenzen van de eigen gemeente, dat maakt dat mensen gewend zijn geraakt om op een bepaalde manier naar de politie te kijken en ik begrijp best dat dit wennen is en dat ze voor hun gevoel de politie minder zien, maar ik zie ook zelfredzaamheid van inwoners en het grootste goed van de Nationale Politie is de verbinding met de wijken."

Aanrijtijden politie: streefnorm geen wettelijke norm!

Voor de politie geldt geen wettelijke norm voor aanrijtijden. Wel heeft de politie zichzelf een streefnorm opgelegd ten aanzien van de 112-meldingen met hoogste prioriteit (de zogenaamde PRIO-1 meldingen). Deze streefnorm houdt in dat gestreefd wordt 90% van de PRIO-1 meldingen binnen 15 minuten aan te rijden. Voor de aanrijtijd van de ambulance geldt eveneens een streefnorm en geen wettelijke norm. (Aanrijden binnen 18 minuten na melding.) Voor de aanrijtijd van de brandweer geldt daarentegen wel een wettelijke normering. (Opgenomen in de Wet op de Veiligheidsregio's) Hierbij is ook van belang om te melden dat de brandweer en ambulance vaste uitrukposten hebben terwijl de noodhulp van de politie dat niet heeft.

Vergelijking met problemen aanrijtijd brandweer in het recente verleden?

In april 2014 berichtte Omroep Zuidplas over te lange aanrijtijden van de brandweer die veroorzaakt werden doordat de kazernes in Nieuwerkerk aan den IJssel en Zevenhuizen met enige regelmaat buiten dienst werden gesteld vanwege bezettingsproblematiek. (Zie hier voor het artikel en de geluidsopname van het interview.) Hieronder geef ik door mij relevant geachte passages weer uit het interview dat Omroep Zuidplas destijds met burgemeester Kats, tevens portefeuillehouder brandweer in de Veiligheidsregio, had:

"De Veiligheid van je huis of dorp is niet alleen afhankelijk van goede brandweerzorg voor als het mis gaat. Veiligheid is veel meer gediend bij het feit of je werkende rookmelders hebt hangen in je huis.”  (…) “Want we hebben het nu over het uitrukken van de brandweer en op tijd ergens zijn, maar dan hebben we het helemaal nog niet gehad over de fase waarin je de brand ontdekt. Als je dat kan verkorten, dat blijkt ook uit allerlei studies, op het moment dat je eerder kan melden, dan is de kans op redding en behoud van je bezit vele male groter dan 2 a 3 minuten sneller zijn met de brandweerwagen.”

"De brandweernormering, de aanrijtijdennormering is een dermate gek fenomeen dat je daar eigenlijk nooit aan kan voldoen. Als je daaraan zou willen voldoen dan zou je een dorp volledig moeten afbreken, een brandweerkazerne in het midden zetten en dan keurig opbouwen volgens de regeltejes." (...) "Je ziet ook dat het een hele grote discussie is tussen enerzijds professionals die alleen kijken naar de regeltjes en aan de andere kant de praktijk."

Deze uitspraken met betrekking tot de aanrijtijden van de brandweer zijn interessant. Zouden deze uitspraken van de burgemeester tot op bepaalde hoogte niet tevens van toepassing zijn op de aanrijtijden van de politie?

Anouk Radloff: "Ja dat klopt. Overigens wil ik graag nog het volgende benadrukken. Het lijkt erop dat burgemeester Kats veronderstelt dat de oorzaak van de langere aanrijtijden uitsluitend ligt in het sluiten van het politiebureau in de gemeente Zuidplas. De trend van langere aanrijtijden is echter al ontstaan voordat het politiebureau in de gemeente Zuidplas dicht ging."

Aanrijtijden in relatie tot criminaliteitscijfers, incidentdichtheid en landelijk gebied

De aanrijtijden van de politie in de gemeente Zuidplas zijn onder de streefnorm. Daar staat tegenover dat de criminaliteitscijfers in relatieve zin laag zijn in de gemeente Zuidplas  en daardoor is ook de incidentdichtheid laag. Daarnaast kenmerkt het verzorgingsgebied van het basisteam zich door landelijk gebied. Is er een verband tussen deze factoren in relatie tot de aanrijtijden?

Anouk Radloff: Dat klopt. Juni 2016 scoorde bijvoorbeeld erg slecht qua aanrijtijden omdat de incidentdichtheid erg laag is. Die ene melding die er dan wel is in Zuidplas en als we dan met de noodhulp toevallig bij een incident zijn in Alphen aan den Rijn, dan maakt scoor je wat betreft aanrijtijd erg slecht." Ben Russchenberg:"We zijn als politie in dit grote gebied kleinschalig. Als een winkeldief opgehaald moet worden bij de Hornbach in Nieuwerkerk aan den IJssel dan zijn we die auto zomaar weer 2 uur kwijt. Omdat je zo krap bemenst ben krijg je dat elk incident invloed heeft op de aanrijtijd van het volgende incident.We moeten terug naar 65 FTE in dit basisteam, dan is 20 FTE minder in vergelijking tot de bezetting 3 jaar geleden. Dat is een kwart van onze capaciteit. Anouk Radloff:  "Ook blijkt dat in heel Nederland de streefnorm voor aanrijtijden in landelijk gebied niet haalbaar is voor de politie. Er wordt op dit moment ook toegewerkt naar een andere streefnorm voor de politie in landelijk gebied. Bovendien wordt de streefnorm door geen enkel basisteam binnen het district gehaald. Het is ook een keuze waar je gaat wonen. Landelijk gebied is rustiger, maar de aanrijtijden van de politie zijn daar ook langer. Dat is de werkelijkheid waarin we leven. Dat mag er weliswaar nooit toe leiden dat de politie niet meer komt en wij zullen ons tot het uiterste inspannen om er zo snel mogelijk te zijn en dat doen we ook." Ben Russchenberg: Men kijkt naar de politie, maar het is een gehele keten waar naar gekeken moet worden waaronder naar de zelfredzaamheid van inwoners, buurtpreventie en inbraakpreventie." Anouk Radloff: "Kijk maar naar de eerder aangehaalde opmerkingen van de burgemeester over de aanrijtijden van de brandweer. Winst is ook te behalen in het bijvoorbeeld eerder melden van verdachte omstandigheden."  

Moet het politieteam Waddinxveen-Zuidplas in het kader van de reorganisatie nog politieauto's inleveren?

Anouk Radloff: "Ja, maar dat is ergens ook logisch omdat we terug gaan naar 65 FTE."

Als er politieauto's ingeleverd moeten worden kan ik mij voorstellen dat de politieauto's die over blijven primair beschikbaar worden gesteld aan de noodhulp. Zijn er dan nog wel voldoende politieauto's over voor de wijkagenten om naar hun wijk te kunnen?

Anouk Radloff: "Dat is inderdaad niet zeker. Er wordt op dit moment onderzocht hoe dit het beste gewaarborgd kan worden en wij gaan ons als teamleiding er hard voor maken dat er ook voldoende politieauto's blijven voor de wijkagenten. Maar de luxe die er vroeger was wat betreft beschikbare politieauto's zal verdwijnen."

Aanrijtijden in relatie tot inrichting van wegen en openbare ruimte

Vorig jaar trof ik tijdens het hardlopen in het buitengebied van de gemeente Zuidplas in de late avond een auto te water aan op een plek waar geen auto's mogen komen. Het aanrijden van de hulpdiensten ging toen om verschillende redenen niet geheel onproblematisch. Zo begreep ik onder andere van een politieagent dat zij hinder hadden ondervonden van een paal in het wegdek die niet neergeklapt kon worden. Wat indruk op mij maakte was de frustratie onder hulpverleners vanwege het feit dat het aanrijden problematisch was: zo gepassioneerd zijn zij betrokken bij het verlenen van hulp. Wat ik mij toen afvroeg is of de inrichting van de weg en openbare ruimte door de gemeente en het recreatieschap een rol kan spelen bij de aanrijtijden. Ziet u een verband in dit kader?

Anouk Radloff: "Ja, dat verband is er. Met waterschappen en natuurbeheer wordt gewerkt aan het maken van afspraken over standaardisering van palen en dergelijke. Wij zijn ook niet direct voorstander van dergelijke paaltjes, maar we snappen wel dat er soms ook iets moet gebeuren omdat niet iedereen zich altijd houdt aan gesloten verklaringen. De politie haakt ook aan bij het verkeersoverleg bij de gemeente."    

Zichtbaarheid: 1 wijkagent per 5.000 inwoners, een harde of zachte norm? "Het team moet in balans blijven"

Gelet op de voortgangsbrief in juni 2016 van de toenmalige minister van Veiligheid en Justitie is er landelijk gezien onder andere sprake van een onderbezetting in wijkagenten, waarvoor 5 jaar de tijd wordt genomen om dit op te lossen. In de wet staat dat in het nieuwe politiebestel er per 5.000 inwoners tenminste 1 wijkagent moet zijn. (Artikel 38a Politiewet 2012 en het besluit wijkagenten.) Ondanks dat deze norm in de wet is opgenomen, is het de vraag of dit een harde of zachte norm is. Er is namelijk geen (wettelijke) waarborg die verhindert dat wijkagenten voor andere taken worden ingezet. (Qua regelgeving is er alleen de waarborg dat wijkagenten niet ingezet mogen worden voor de zogenaamde FlexTeams.) Ook is het apart dat hoewel de wet het heeft over tenminste 1 wijkagent per 5.000 inwoners, er vanuit de uitvoering van het inrichtingsplan van de nationale politie gewerkt moet worden met een beperkt aantal formatie uren voor wijkagenten. Bovendien ziet deze wettelijke norm op het gemiddelde op het niveau van de regionale eenheid en niet op het niveau van de basisteams. Dat zijn keuzes van de regering en de landelijke politiek. De gemeenten Waddinxveen en Zuidplas tellen ongeveer 67.000 inwoners en 9 wijkagenten. Op welke termijn verwacht u dat in dit basisteam sprake kan zijn van tenminste 1 wijkagent per 5.000 inwoners?

Anouk Radloff: "Niet op korte termijn. Dit hangt af van de formatiediscussie met de landelijke politiek. De landelijke politiek heeft 5 jaar de tijd genomen om de formatieproblematiek bij de politie op te lossen. Hierbij moet ik wel zeggen dat het politieteam Waddinxveen-Zuidplas wat betreft wijkagenten al op de formatiesterkte (red.: qua uren in formatieplaatsen) is: we hebben de wijkagenten die we volgens het inrichtingsplan van de nationale politie mogen hebben. De wettelijke norm ziet bovendien op het niveau van de regionale eenheid en op dat niveau wordt aan de norm voldaan. Als ik het voor het kiezen zou hebben, dan zou ik er toch wijkagenten bij willen hebben, maar alleen meer wijkagenten is niet de oplossing. De rest van de organisatie moet er ook op ingericht zijn. Het team moet in balans blijven."

Het sluiten van het politiebureau maakt de politie op een bepaalde manier minder zichtbaar. Kan anderzijds wellicht ook gesteld worden dat zichtbaarheid van de politie in de afgelopen jaren is toegenomen door het ondersteunen van buurtpreventie initiatieven in de gemeente Zuidplas?

Anouk Radloff: "Ja, de wijkagenten leveren hier een bijdrage aan en zijn ook vaak in de wijk aanwezig bij activiteiten van buurtpreventiegroepen in Zuidplas. Hetzelfde geldt ook voor de gemeentelijke BOA's."

    

Uitdagingen en mogelijke oplossingen

Vanuit de lokale politiek is de vraag gesteld aan de burgemeester of, gelet op het sluiten van het politiebureau in de gemeente Zuidplas en de langere aanrijtijden, er niet juist meer geïnvesteerd moet worden in buurtpreventieinitiatieven.

Anouk Radloff: "Ik ben er van overtuigd dat door buurtpreventieinitiatieven de betrokkenheid van inwoners bij hun eigen veiligheid is gegroeid en er zodoende meer meldingen eerder binnen komen. Ik juich toe dat hierop geïnvesteerd blijft worden." Gert Ravensbergen: "Het voorkomt ook heel veel." Anouk Radloff: "De initiatieven op het gebied van buurtpreventie zijn goud waard, vooral de buurtpreventie in Zevenhuizen is koploper wat betreft activiteiten, maar ook alle andere initiatieven in Moerkapelle, Nieuwerkerk aan den IJssel, Oud Verlaat en Moordrecht verdienen een groot compliment. Mensen: deel informatie, ga er niet te snel vanuit dat de politie het wel zal weten. We hebben een beperkt aantal agenten in een groot gebied, dus we hebben alle informatie nodig die kan helpen bij ons werk." Ben Russchenberg: "Meer dan 90% van de aanhoudingen vinden plaats naar aanleiding van een melding van een burger."

Welke oplossingsmogelijkheden ten aanzien van de in dit artikel geschetste problematiek liggen (mede) in de invloedssfeer van de lokale samenleving en de gemeente?

Anouk Radloff: "Met betrekking tot de lokale samenleving: inwoners meld verdachte omstandigheden! Met betrekking tot de gemeente wil ik eerst de burgemeester, zijn adviseurs en de BOA's een compliment geven. Zuidplas heeft op het gebied van veiligheid een betrokken burgemeester.

Graag zou ik meer in contact komen met de gemeenteraad. (Red.: Zie artikel: "Gemeenteraadslid, eis je plek op!") Vanuit mijn functie zou ik het fijn vinden wanneer de gemeente bij vergunningverlening voor evenementen zich meer realiseert dat de politiecapaciteit een limiet heeft. Betrek ons tijdig en stem met ons af, voordat een vergunning wordt verleend. Ook zou het fijn zijn wanneer wij niet meer belast worden met het vervoer van verwarde personen. Een verward persoon hoort niet thuis bij de politie. Per 1 mei is er vanuit de gemeenten in Leiden opvang geregeld voor verwarde personen. Voor het vervoer van deze personen moet een zogenaamde "psycholance" komen. De gemeenten zijn doende dit te regelen, maar hebben nog even tijd nodig. Tot die tijd zal de politie het vervoer van verwarde personen blijven doen. Dit heeft een invloed op de aanrijtijden."

Anouk Radloff, Ben Russchenberg en Gert Ravensbergen, hartelijk dank voor dit gesprek en de medewerking aan het tot stand brengen van dit artikel.

 

[Tekst: Ruben Kortenoeven]

 

.